9/30/2019

My first week at CERN

Collide at CERN 
Before I came here, I must admit, I never really considered the differences between a theoretical particle physicist, an experimental particle physicist or an applied physicist. During my first week at CERN I visited 3 out of 4 major experiments taking place at CERN connected to the Large Hadron Collider (the LHC particle accelerator), taking place in specially designed detectors (ATLAS, CMS, ALICE and LHCb). These experiments follow resolutions set following compex processes considering not just an objective but maybe more importantly, the condtions and affordances brought by physics, engineering, code and finances. 

After one week of running from one experimental site to the next, and meeting the fauna connected to all the different categories and more, I am still not sure how to make sense of it all. To be honest, I am maybe more confused about what it all means - and what all these people are doing here, exactly?

It has become clear to me though, that at CERN not all scientists belief in all of the same things, laws or actions. A lot of their work has to do with trying to figure out what to do (next). To a certain extend, most of them seem not entirely sure (I hope I got that right and I am not sounding disrespectful here, the fact is, the uncertainties are very high). In a nutshell, here is what I do understand after a week at CERN.

From the website: At CERN, our work helps to uncover what the universe is made of and how it works. We do this by providing a unique range of particle accelerator facilities to researchers, to advance the boundaries of human knowledge.
The Laboratory, established in 1954, has become a prime example of international collaboration. CERN is thus a laboratory; in fact, it is the biggest laboratory in the world. Its main mission seems to be tied to unravelling the basic questions about into existence and the universe (on a side not: I have not heard the word 'consciousness' yet). 


95% of the universe is unknown to both us laymen but also to these scientists. We can only observe 5% of the universe and the other 95% of what surrounds us is unknown. Unknowable, immeasurable, imperceivable, invisible and clearly indescribable. And the experiments by which the scientists wish to 'tackle' (or rather infer and deduct) this unknown, dark universe (consisting of dark energy and dark matter) are many and diverse. 


Of course the start of any such inference starts with a question, so here are just a few I collected so far:
Why is the universe so big?
What is our cosmic DNA?
Are there additional dimensions to space?
What is the nature of matter?
Why do things weigh?
Do gravitons exist?
Does anti matter fall up or down?
Is there super symmetry, or is the next breakthrough to be found in string theory?
What is time and does time even exist?

To me, for (almost) all of those questions it is even hard to explain what they mean - they come with layers of understanding and languages (lets not even mention the jungle of acronyms they have created here) that sound familiar but mean very little to me. They even drove me to read and finish A Very Short Introduction to Particle Physics (a little book or cliffnotes about particle physics by Frank Close) earlier this week.

A special moment happened this week when I listened to a string theorist say: "time and space dit not exist before the Big Bang. That is something I can accept because of the equations, but I dont understand these equations myself. For the sake of my research, I just ignore time altogether." I could have hugged him because for a moment my imposter syndrom vanished and I felt more free, But then again of course the man had obtained his candid senses due to the years of studying and hugging him seemed .. a solution from another dimension.

It seems that CERN is a place for ideas that are hard to think, ideas that even scientist have trouble with. And while some of them are looking for new, divergent vanishing points, others belief that the path to possible future knowledge can simply be found in more measurements: "Now is not the time for new theories; new insights and knowledge will come when there is more research done".

So here I am, an artist roaming on the planes touching the edges of the hard sciences. And still, I feel not completely out of place. Once felt inspired by the ways in which snakes see warmth and bees smell pollen. In the same vain, here I see how scientists grow new senses to see, smell, hear and touch, mapping their universe through charts and prisms.

I, too, am always looking for new ways to approach the world, to shed new light on (archtypal) principles and to make translations. Moreover, for a long time now, I too struggle and play with the principle: the more heavily encoded the image, the harder it is to read. I do beleive their is a valuable balance to strike between collecting new ways of seeing (artists), and solving puzzles with them (scientists).



9/22/2019

Ñ presents: AX15 a publication by Mario de Vega with featuring 'Whiteout' an essay by me.





It’s a beautiful publication that comes with audio recordings  and prints by Mario de vega made during our journey in Antártica. My essay is printed white on white and the cover of the publication is reflective.



Interview op NikHef: the Dutch National Institute for Subatomic Physics that performs research in particle physics and astroparticle physics.




Kunstenaar Rosa Menkman naar CERN: ‘Ik ga vooral vragen stellen.’

Kunstenaar? Rosa Menkman wordt er altijd wat ongemakkelijk van als het woord kunstenaar valt. Ze was deze zomer weliswaar de eerste winnaar van de Collide International-prijs van CERN en de Fabra i Coats in Barcelona, gekozen uit meer dan 220 inzendingen, maar ze noemt zichzelf eigenlijk liever onderzoeker. 

‘Aangezien we op de Universiteit weinig praktische kennis kregen over het functioneren van digitale technologie, zocht ik deze kennis ergens anders. Ik experimenteerde in mijn vrije tijd in hackathons and workshops met het deconstrueren van digitale technologieën en objecten, zoals bijvoorbeeld het videobeeld. De uitkomst van deze experimenten vielen vaak in de categorie kunst.’

Menkman (Arnhem 1983) staat vooral te boek als filmmaker en videokunstenaar, maar met een sterk theoretische inslag. Ze studeerde nieuwe media aan de Universiteit van Amsterdam, exposeert internationaal en is docent aan de kunstacademie in Kassel. Vanaf 23 september is ze een maand op CERN in Genève, gekoppeld aan een wetenschapper. Daarna produceert ze in Barcelona een film voor het project.

Wat heb je persoonlijk met CERN?

‘Ik vind CERN een van de meest bijzondere plekken op aarde, van de orde van de piramides in Egypte en de Jantar Mantar in Jaipur. Een plek waar letterlijk nieuwe kennis wordt vrijgemaakt, waar woorden en concepten worden gevonden voor wat we nog niet weten. Om daar even bij te mogen zijn is fantastisch.’

Ben je er wel eens geweest?

‘Nee, op dit moment alleen via podcasts, videos and street maps.’ 

Liggen kunst en wetenschap niet heel ver uit elkaar?

‘Ik zie een overlap. Sommige kunst probeert het onverwoorde te verwoorden of het onbekende te verbeelden. Kunst kan je helpen scherper naar de wereld te kijken, of ervaringen die niet te bevatten zijn te verbeelden. CERN doet dat op zijn manier ook.’

Je inzending voor Collide International was een video waarin je praat over capturing the imperceivable, het vangen van het onzichtbare.

‘Mijn project heet ‘Shadow Knowledge’. Op CERN zoeken wetenschappers naar nieuwe dimensies, dimensies die kleiner zijn dan de optische dimensie (suboptical). De afgelopen jaren heb ik vooral de term ‘resolutie’ onderzocht - in het visuele domein refereert deze term vooral naar het kleinste dat we kunnen onderscheiden. Maar het betekent ook ‘oplossen’. En hier ligt mijn interesse: techniek heeft altijd beperkingen en gecalculeerde compromissen - het eind plaatje is altijd een gefilterde werkelijkheid. Wat mij intrigeert is eigenlijk wat je (net) niet ziet. Of wat je wel ziet, maar er niet is: de artifacten.’

Daar maakte je eerder video en VR installaties mee.
‘Veel van mijn werk gaat over het effect van ruis en compressie. Daaruit kunnen nieuwe patronen ontstaan, patronen die bewijs of residu van de gebruikte technologieën vormen.’

Ik zie op je website video’s met digitale spookbeelden.

‘Die ontstaan door de manier waarop je beelden filtert. De vraag is of ze er dan wel of niet zijn. Ik vraag mezelf vaak: wat zijn de kwaliteiten van het digitaal materiaal precies?’

Wat ga je daar op CERN concreet mee doen?

‘Ik ga vooral veel praten met onderzoekers van allerlei afdelingen en experimenten. Over wat meten betekent, over fouten en onzekerheden. En hoe je als onderzoeker je hele leven kunt besteden aan dat wat je niet weet.’

Maak je uiteindelijk een film?

‘Ik ga praten en misschien filmen. Ik ga veel schrijven en nadenken en dingen daarvan gebruiken in eigen digitale experimenten. Eigenlijk weet ik nog niet wat ik ga maken in die maand Barcelona. Ik wil vooral leren van de ontmoeting.’

En kan de deeltjesfysica ook iets van jou leren?

‘Dat is natuurlijk de uiteindelijke wens. Misschien, we zullen zien. Kunst kan wetenschappers ook nieuwe inzichten geven. Niet zo lang geleden hoorde ik over een muzikant die cel groei naar geluid omzette, waardoor onderzoekers opeens ritmes herkenden die ze in scans nooit zagen. Hoe zo’n vertaalslag, van het ene domein naar het andere, tot nieuwe inzichten kan leiden, vind fascinerend.’